Geertrude Verweij - romans, verhalen, columns - zakelijke teksten - redactie - hulp & advies

Halloweenverhaal :: Geesten bestaan niet (2)



Een dag na onze eerste kennismaking staat Alexander weer voor de deur.
'We werden gisteren onderbroken door je telefoon, maar ik vind het niet meer dan eerlijk om ook open kaart te spelen.' Als ik hem verwonderd aankijk, steekt hij zijn hand uit. 'Lex Klein.'
Ik frons. 'Wacht even. De thrillerschrijver? Ben jij dat? Ik dacht dat hij Duits was.'
'Ik woonde in Duitsland toen ik debuteerde. Maar ik ben Nederlander.'
Mijn angst dat hij alleen belangstelling voor me had omdat ik een redelijk succesvol schrijfster ben is dus duidelijk ongegrond.
'Tja. Daar sta ik dan met mijn griezelverhaaltjes. Van jouw oplages durf ik alleen maar te dromen...'
'Maar je zegt niet dat je al mijn boeken hebt. Ben je geen fan?' Hij kijkt quasi-teleurgesteld, maar zijn ogen twinkelen.
'Ik vind je schrijfstijl fantastisch, maar je verhalen zijn voor mij aan de harde kant.'
'Zegt de vrouw die in haar populairste boek een klas schoolkinderen laat opeten door weerwolven.'
Daar heeft hij me. Maar in mijn ogen is het verschil duidelijk. 'Dat is fantasie, een sprookje. Wel een bloederig sprookje maar toch, het is overduidelijk uit mijn duim gezogen. Jouw boeken staan heel dicht bij de werkelijkheid en daarom vind ik ze enger dan al mijn griezels bij elkaar.'
Het feit dat we collega's zijn, zorgt al snel voor een goed contact. We komen regelmatig bij elkaar over de vloer om te kletsen over verhaallijnen, de lieve, nare en gekke reacties die je als schrijver nu eenmaal van lezers krijgt, uitgevers en alles wat met ons vak te maken heeft. Als ik heel eerlijk ben, vind ik hem steeds leuker en hoop ik dat het misschien iets meer tussen ons kan worden. Maar ik weet niet of hij er ook zo over denkt. Hij lijkt tevreden met vriendschappelijk contact, dus voorlopig laat ik het maar zo.

Bijna een maand later. Volle maan.
Alexander kijkt me plagend aan. 'Klaar voor het spook?'
Ik slaak een diepe zucht. 'In het dorp waren ze ook alweer flink op dreef vandaag. Krijgen we dat nu elke maand?'
Hij grinnikt. 'Tot je toegeeft dat je de geest gezien hebt, vrees ik. Er zijn ook weddenschappen over hoe lang je het volhoudt.'
'O. Mooi is dat. Waar heb jij op ingezet?'
Zijn groene ogen kijken me ineens ernstig aan. 'Ik heb niet meegedaan, maar ik hoop dat je je niet weg laat jagen. Dat zou ik heel erg jammer vinden.'
Mijn hart slaat een slag over, maar ik zeg luchtig: 'Dan mag ik er dus vanuit gaan dat jij vannacht geen grappen gaat uithalen? Dat scheelt er alvast één.'
'Grappen? Hoe bedoel je?'
'Tijdens de vorige volle maan is iemand mijn huis binnengedrongen om alle ramen open te zetten.'
'Heb je hem gezien?'
'Nee, maar dat is de enige verklaring. Je kunt ze echt niet van buitenaf opendoen en ik weet zeker dat ik ze voor ik ging slapen allemaal dichtgedaan had.'
'De geest.'
'Onzin.'
'Dus jij vind het volkomen normaal dat iemand je huis binnengaat om een geintje uit te halen, maar een geest vind je simpelweg onzin?'
'Ja. Dat is toch niet zo gek? Jij als thrillerschrijver zou moeten weten dat mensen tot de gekste dingen in staat zijn. En nu ik weet dat er een weddenschap loopt verwacht ik helemaal opnieuw gedoe. Want nu hebben ze een reden om me weg te pesten.'
'Ze zullen er niet rijk van worden, de inleg is vijf cent per persoon,' lacht Alexander. 'Het gaat om de lol, niet om het geld. En ik weet dat je het niet wilt accepteren, maar ik heb hier echt vreemde dingen gezien. Is er niet meer gebeurd dan die open ramen?'
'Voetstappen in een andere kamer,' geef ik schoorvoetend toe. 'En toen ik daar ging kijken, dacht ik een vaag licht te zien verdwijnen en een windvlaag te voelen. Maar dat was verbeelding.'
Alexander grijnst. 'Ja, vast.'
'Volgens de dorpsverhalen jaagt de geest iedere nieuwe bewoner binnen een paar maanden weg. Ik heb behalve die ene nacht geen problemen gehad.'
'Misschien heeft ze jou aanvaard?' Hij aarzelt, maar zegt dan: 'Dat nieuwe verhaal waar je mee bezig bent. Waar is dat door geïnspireerd?'
Ik begrijp niet helemaal waarom hij ineens van onderwerp verandert, maar zeg: 'Gedeeltelijk op de verhalen over dit huis, denk ik. Dat was te verwachten.'
'Ja, maar hoe kom je bij het achtergrondverhaal van de geest in je verhaal?'
'Geen idee. Je weet toch hoe dat werkt? Het ene boek moet je er stap voor stap uitpersen en het andere is er ineens, alsof het verhaal verteld wil worden. Dit komt echt van diep en ik ben er behoorlijk door geobsedeerd. Ik droom er bijna elke nacht over.'
Hij trekt zijn wenkbrauwen op. 'Juist. Heb je de mogelijkheid overwogen dat de geest wil dat je haar verhaal vertelt?'
Ik snuif minachtend. 'Jij denkt dat er in dit huis werkelijk een jong dienstmeisje is opgesloten en uiteindelijk vermoord door haar kwaadaardige werkgeefster die jaloers was op haar schoonheid en de aandacht die haar man aan het kind schenkt? Als ik het opschrijf met een hoop poespas eromheen klinkt het spannend, maar eigenlijk is het vergezochte onzin.'
Alexander ziet blijkbaar dat het me begint te irriteren dat hij wel gelooft dat er een geest in mijn huis woont en houdt verder zijn mond. Hij bied alleen nog aan om me te helpen met research over de vroegere bewoners. Dat neem ik graag aan. Hij heeft door het soort boeken dat hij schrijft veel meer ervaring met dat soort dingen. Ik zuig alles gewoon uit mijn duim, terwijl zijn verhalen op waarheid gebaseerd zijn. En het kan interessant zijn om te weten wie er hier gewoond hebben en wat er met hen gebeurd is.
We drinken nog een glaasje wijn en hebben het over van alles en nog wat, maar niet meer over de geest.
Als hij tegen middernacht opstaat om naar zijn eigen huis te gaan bied hij aan: 'Als je het toch eng vindt, mag je ook bij mij slapen, hoor. Of ik blijf hier, dat kan ook.' Hij knipoogt. 'In beide gevallen in de logeerkamer. Dit is geen oneerbaar voorstel.'
Helaas, denk ik, dan had ik misschien ja gezegd. Maar nu zeg ik kalm: 'Niet nodig. Ik ben niet bang. En ik kan moeilijk iedere volle maan uit logeren gaan.'

Twee uur later heb ik spijt van mijn dappere woorden. Ik zit te bibberen in mijn bed. Van de kou, niet van angst. Hoewel alle ramen en deuren goed afgesloten waren toen ik ging slapen, staat alweer alles open. Toch ben ik er nog steeds van overtuigd dat iemand een grap uithaalde. Misschien zelfs Alexander wel, hoe erg me dat ook van hem tegen zou vallen.

Na een paar maanden begint het te wennen. Eens per maand heb ik een rare, koude nacht, maar verder zie ik nooit iets. Het boek vordert gestaag, het dienstmeisje in het deel dat over het verleden vertelde krijgt steeds meer persoonlijkheid, net als haar jaloerse werkgeefster, en het verhaal in het heden word steeds enger. De geest in het verhaal is namelijk allesbehalve vriendelijk. Die van mij was daarmee vergeleken een lieverd. Bij wijze van spreken dan, want ik geloof er nog steeds niet in.
Alexander blijft bij zijn standpunt, maar het is min of meer onbespreekbaar tussen ons.



~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~

Het eerste deel van dit verhaal kon je hier lezen. Het laatste deel verschijnt op woensdag 31 oktober.
Wil je dit verhaal in zijn geheel wilt kunnen downloaden als pdf of e-pub? Wordt lid van mijn nieuwsbrief! (bij inschrijving krijg je een downloadlink naar een ander verhaal, de link naar dit verhaal staat in de nieuwsbrief van 25 oktober, die je nagestuurd krijgt als je je inschrijft voor 10 november)

Geen opmerkingen:

Een reactie posten

Wat leuk dat je wilt reageren!
Ik lees alle reacties en meestal antwoord ik ook, al kan dat soms een paar dagen duren.

Helaas moeten sommige mensen 'bewijzen dat ze geen robot zijn' door op plaatjes te klikken.
Sorry daarvoor, ik kan het niet uitzetten (heeft met cookie-instellingen van blogger te maken).
Mailen mag ook altijd (geertrude@geertrude.nl)