Geertrude Verweij - romans, verhalen, columns - zakelijke teksten - redactie - hulp & advies

Romantisch verhaal :: Strategie



'Leonie, kun je even binnenkomen? Ik moet iets met je bespreken.'
Jaloers keek ik mijn collega na. Ze trok verontschuldigend haar wenkbrauwen op, maar ze kon er ook niets aan veranderen. Leonie wist hoe graag ik in haar schoenen zou willen staan. Een privégesprek met De Baas. Hoe heerlijk zou dat zijn?
Nu zag hij me meestal amper staan en sprak hij alleen tegen me als het nodig was. 'Dit heeft haast,' zei hij dan. Of: 'Belangrijke klant, extra zorgvuldig nakijken, alsjeblieft.' Hele zinnen konden er vaak niet eens af.
Eigenlijk sloeg het nergens op dat ik tot over mijn oren verliefd was op die man. Was ik zo oppervlakkig dat ik alleen op zijn uiterlijk viel? Goed, hij was knap. Heel knap zelfs. Dik blond haar waarmee hij precies de juiste balans tussen goed verzorgd en nonchalant had weten te vinden, een goed, regelmatig gezicht, maar niet zo gladjes mooi dat het niet aantrekkelijk meer was en ogen die... zelfs als ik eraan dacht, voelde ik de vlinders in mijn buik tekeer gaan. Zijn ogen waren diepblauw en als hij me recht aankeek, wat hij dus zelden deed, voelde ik mijn knieën knikken en vergat ik ter plekke waar ik was en wat ik aan het doen was.
Maar toch was dat echt niet de enige reden. Want in eerste instantie klikte het gewoon vriendschappelijk ook geweldig tussen ons. Toen De Baas nog gewoon Mark van Marketing was, zat hij tijdens de lunchpauze vaak bij mij, Leonie en een paar anderen aan ons vaste tafeltje in de kantine. En daar bleek dat we op heel veel gebieden min of meer dezelfde smaak hadden. Boeken, films, kunst, hij kon overal over mee praten. Ook onze meningen over politieke en maatschappelijke onderwerpen lagen aardig op één lijn en als dat niet zo was konden we er goed over praten. Ik verheugde me iedere dag meer op onze gesprekken.
Maar ja. Promotie. Nu was hij niet meer Mark van Marketing, maar De Baas van de afdeling In- en Verkoop. En daarom voelde hij zich nu te goed voor ons. Of in ieder geval voor mij.
Want dat gesprek met Leonie duurde en duurde maar. En blijkbaar was het nog gezellig ook, want ik had al een paar keer haar altijd iets te harde lach gehoord. Wat gebeurde daar? Wat besprak hij met haar? Vast niet alleen zakelijke onderwerpen. Die waren tenslotte niet echt grappig. Nee, dit was persoonlijk, dat moest wel. Voelde hij iets voor Leonie?
De jaloezie bezorgde me pijn in mijn buik. Ik wist dat Leonie hem niet eens echt aantrekkelijk vond en bovendien in een knipperlichtrelatie met haar grote liefde verstrikt zat, maar stel dat ze ineens van mening veranderde? Nee, dat zou ze nooit doen. Ik had haar nooit de hele waarheid verteld, want Leonie was een wandelend nieuwsblad. Maar ze wist wel dat ik hem heel graag mocht. En waarschijnlijk vermoedde ze ook wel hoe het echt zat.

De minuten leken zich voort te slepen. Hoe lang was Leonie daar nu al? Mijn hart sloeg een slag over toen de deur eindelijk open ging, maar ik voelde datzelfde hart barsten toen ik de blik van verstandhouding en de glimlachjes over en weer zag. Er was iets tussen die twee.
Ik beet hard op mijn lip en begon intens op mijn toetsenbord te rammelen alsof ik druk aan het werk was. De Baas ging zijn kamer weer in en sloot de deur.
Leonie ging naast me zitten. Ik hield mijn blik op mijn beeldscherm gericht, maar ik voelde gewoon dat ze me verwachtingsvol aankeek.
Toen ik na vijf minuten nog niet reageerde, vroeg ze: 'Wil je niet weten wat De Baas en ik daarnet besproken hebben, Inge?'
'Nee. Liever niet,' zei ik kortaf.
'Dat jok je. Je brandt van verlangen om het te weten. Geef maar toe.'
'Nee. Ik begrijp het zo ook wel. En ik moet het even verwerken. Je weet dat ik... hem ook leuk vind. Maar het is je gegund... Ik heb gewoon even tijd nodig.'
Ze grinnikte. 'Ik dacht al dat je zoiets zou zeggen. Maar nee. Dat was niet wat we besproken hebben. Trouwens, ik val niet op hem, dat weet je toch?'
Nu stopte ik met typen en keek haar aan. 'Waar ging het dan over?'
Ze lachte stralend. 'Over iets anders. Maar dat is geheim. Hij heeft me nadrukkelijk gevraagd er met niemand over te praten.'
'O.' Dat stak nog steeds. Zag hij Leonie als vertrouweling? Maar juist zo'n soort vriendschap kon uitgroeien tot liefde. Ik wilde er verder niets over horen. 'Dan moeten we misschien maar gewoon weer aan het werk gaan.'
Leonie zuchtte dramatisch. 'Ja, dat lijkt me verstandig. Ik mag echt niets zeggen. Geheim. Heel erg geheim.' Met een kordaat gebaar begon ze de papieren naast haar toetsenbord te sorteren.
Ondanks alles moest ik er toch een beetje om lachen. Als De Baas echt een geheim had, was Leonie precies de verkeerde keuze om dat aan te vertellen. Het was een schat van een meid, maar ze praatte sneller dan ze dacht en dat zorgde regelmatig voor problemen. Als je haar in vertrouwen iets vertelde, wist je bijna zeker dat binnen een dag het hele kantoor op de hoogte was. Blijkbaar had De Baas haar echt onder druk gezet, want anders was ze direct begonnen met 'ik mag het eigenlijk niet verklappen en je moet beloven dat je het aan niemand anders vertelt, maar...'
Dit moest echt ontzettend moeilijk voor haar zijn, al was het wel typerend dat ze er direct had uitgeflapt dat het over een geheim ging. Ieder ander zou een leugentje over werk verzinnen.

Wordt vervolgd...

:: :: :: :: :: 

deel 2 verschijnt op 21 februari, deel 3 op 28 februari en het slot op 7 maart

Het hele verhaal in één keer als pdf downloaden? Schrijf je in voor mijn nieuwsbrief.
Als je voor 14 maart lid wordt, stuur ik je de laatste nieuwsbrief, met de link naar dit verhaal, na.  
Bovendien ontvang je dan regelmatig een mail met nieuws over mijn boeken, previews, extra's en updates. Als welkomstcadeautje krijg je een downloadlink naar een verhaal dat nergens anders te lezen is.

(foto van Pexels.com)

Lees verder ...

Contrast


Terwijl in Nederland duizenden scholieren gingen protesteren om het klimaat te verbeteren, ging men in Curaçao op de barricades om de olieraffinaderij, die een groot deel van Willemstad van vervuilde lucht voorziet, open te houden. Niet dat ze hier nu zo dol zijn op die vervuilde lucht, maar wat heb je aan schone lucht als je je gezin niet te eten kunt geven?
Het waren sowieso onrustige weken hier. Twee weken geleden blokkeerden vuilniswagens één van de belangrijkste wegen op het eiland en veroorzaakten daarmee een verkeersopstopping waar zo'n beetje het halve eiland instond.
De gemiddelde Curaçaoenaar wordt niet snel kwaad. Dit soort acties verlopen over het algemeen gemoedelijk en de mensen die er last van hebben doen ook niet echt moeilijk. Men sluit onverstoorbaar kalm aan in de file en laat de overvolle containers gewoon aan de weg staan tot de vuilniswagens eindelijk langskomen om ze te legen.
In het onderwijs wordt ook gestaakt, al is dat sporadisch en merk je er niet veel van. Maar de onvrede over de toestand van het onderwijs loopt al sinds vorig jaar, dus ik ben benieuwd hoe lang het duurt voor men de Julianabrug met schoolbanken gaat blokkeren.
In beide andere gevallen kregen de stakers hun zin. De politici blijven nu roepen dat ze nooit meer toe zullen geven bij blokkades en stakingen, want die zien de bui al hangen. In 2011 leefde een kwart van de bevolking op Curaçao onder de armoedegrens*. Met de toestroom aan vluchtelingen uit Venezuela zal dat er niet beter op geworden zijn en er is een hoop onzekerheid over de toekomst. Als dit soort acties lijken te helpen, zullen meer mensen het gaan doen.

Op twitter woedde een hevige discussie over de protesterende tieners, die na afloop bij MacDonalds gingen eten en eigenlijk hun mobieltjes en verre vakanties niet willen opgeven.
Op het strand liepen chagrijnige toeristen omdat op zondag om twaalf uur alle bedjes verhuurd en de schaduwplekken bezet waren. Bij de beachclub sjouwden twee jongemannen zuchtend met een doos bier omdat dicht bij de bar geen plek meer was. Op een terras vroeg een geïriteerde man waar de rosé bleef die hij drie minuten daarvoor besteld had en hij wenste ook zijn pizza nú, direct, geserveerd te krijgen.

Het mag. Het is tenslotte maar net wat je gewend bent.
Maar soms vind ik het contrast ineens een beetje pijnlijk...


-----------------------------------------------------------------


foto van Pexels.com

*zie dit artikel uit 2014

Wil je helpen?
Wij druppelen op de gloeiende plaat via de voedselbank van Curaçao
Er zijn hier 7000 gezinnen die in aanmerking zouden komen voor een pakket, maar op dit moment is er maar geld voor 400 pakketten per maand, die verdeeld worden over zo'n 1100 echt schrijnende gevallen


Lees verder ...

Door haar ogen



'Mag ik dit serieus nemen?' Onze oudste dochter stuurde me een privéberichtje met een kopie van een opmerking van haar vader uit de gezinsappgroep. Zij had een foto van de sneeuw geplaatst, hij had gereageerd met een foto van het strand. Daarop had zij gereageerd met 'Ik kom deze week wel bij jullie logeren.' Met een hoop smilies erachter om aan te geven dat het een grapje was. Echtgenoots reactie was ook een grapje: 'Natuurlijk. Wel een luchtbed meenemen.'
Maar een dag later vroeg ze dus of we het meenden. En ach, waarom ook niet. We wonen nog steeds in ons mini-appartementje, maar een luchtbed past er nog wel bij. Dochter had wat vrije dagen omdat de ene theatertoer afgelopen was en de volgende nog niet begonnen (ze werkt als freelance grimeur) en wilde er graag even tussenuit. Een ticket boeken lukte nog en drie dagen later pikten we haar op van het vliegveld.
Het luchtbed was bij nader inzien niet nodig, want de huisbaas had nog een eenpersoonsbed dat we konden lenen. En verder was het vooral een kwestie van werk verschuiven, zodat we tijd hadden om haar rond te leiden.
Want natuurlijk wilde ze niet alleen graag even naar de zon, ze wilde ook graag zien waar we nu eigenlijk zo graag willen wonen. Van onze hele directe familie is niemand ooit op Curaçao geweest, dus een beeld hebben ze er niet echt bij.
Deze week maken we dus meer kilometers dan we normaal al doen, want we willen haar al onze favoriete plekjes en stranden laten zien. En eigenlijk ook de minder favoriete plekjes, de huizen die we niet kochten, de stranden die we niet bezoeken en... Nou ja, alles. Gelukkig wil ze dat zelf ook graag allemaal zien. Alles is tenslotte nieuw voor haar.
Voor ons is dit ook nieuw. Curaçao was altijd van ons tweeën, maar nu zien we het door haar ogen. We bezoeken Shete Boka en Watamula. Ze gaat mee naar Mambobeach voor ons vaste vrijdagavondritueel en wandelt met ons door Punda en Otrobanda.
Al die plekken waren wij ook nog lang niet zat, maar het kunnen laten zien aan iemand die er nog nooit geweest is, voegt er toch iets extras aan toe. Ineens is Curaçao meer dan ooit ons thuis, waar we trots op zijn.




Lees verder ...

Poko poko



Na weken rondkijken vonden wij een aantrekkelijke auto voor een leuke prijs. In Nederland ga je dan met de verkoper naar het postkantoor en klaar. Hier werkt dat anders.
Je gaat eerst met de verkoper naar de belastingdienst voor een formuliertje dat je samen moet invullen. De wachttijd viel mee, al snel reden we naar het keuringslokaal, waar de overschrijving plaats zou vinden. Daar waren we na een minuut of twintig aan de beurt. Helaas stond de auto niet op de naam van de verkoper, maar op die van zijn vader. Vader gebeld, even de juiste handtekening regelen. Half uurtje wachten. En toen weer in de rij bij het keuringslokaal. Tegen elven waren we zover. Sleutels ontvangen, geld betaald.
Maar we waren nog niet klaar. Hij wel, wij niet. Wij moesten nu naar het verzekeringskantoor, want zonder verzekeringsbewijs kun je de wegenbelasting niet betalen en zonder wegenbelasting krijg je een behoorlijk grote boete.
Bij het verzekeringskantoor ging het afsluiten van de verzekering vrij snel. Alleen nog even betalen. Het duurde een uur voor we aan de beurt waren.
Terug bij het belastingkantoor. Nummertje trekken. 304. Op het bord: 264. Dus. En wegens lunchtijd, maar één loket geopend.
Anderhalf uur later waren we aan de beurt. Of we even door die deur achterin wilden gaan en dan nog een deur en bij de portier daar vragen naar een mevrouw die oude openstaande bedragen van het kenteken moest verwijderen.
Twintig minuten later konden we terug naar het loket waar we eerst waren geweest. Wegenbelasting betaald. Alleen die nummerplaten nog, want die had de vorige eigenaar ingeleverd. Dat doe je hier als je niet meer wilt betalen.
We werden verwezen naar het loket aan de overkant.  Men vond maar één nummerplaat.
Nieuwe bestellen. Betalen bij weer een ander loket aan de overkant. Met het betalingsbewijs weer terug naar het vorige loket. Nummerplaten zijn over twee weken klaar, maar we kregen een formuliertje voor de politie, zodat we wel met de auto mogen rijden. Fijn. Einde verhaal, dag ook bijna om.
Dit is hier normaal.
Het is de ultieme Curaçaotest. Als het kopen van je eerste auto niet lukt zonder je vreselijk boos te maken over de bureaucratie, kun je beter niet hier gaan wonen. Want zo werkt het hier nu eenmaal. Poko poko. Rustig aan.
Wij zijn geslaagd.

foto van Pexels.com
Lees verder ...

Strand


'Dit doen we verkeerd.' Echtgenoot was even gaan liggen en kwam na twee minuten al weer tevoorschijn met de vraag of ik iets dringends te doen had. Toen ik daarop ontkennend antwoordde, legde hij zijn stelling uit: 'We zijn op een tropisch eiland. Als we moe zijn en uit willen rusten, moeten we niet binnen op bed gaan liggen. Dan moeten we naar het strand.'
Ik vond dat hij gelijk had. Dus gooiden we de koeltas en de zwemtas achterin de auto en vertrokken naar Daaibooi.

Dat moet je niet per ongeluk omdraaien, want Dooibaai klinkt erg naar, terwijl het een van de mooiste stranden van het eiland is. En nog gratis ook. Dat is een groot voordeel als je, zoals wij, heel vaak naar het strand wil. Wij gaan daar namelijk sowieso bijna iedere middag even zwemmen. Na het werk even bijkomen. Heerlijk. En het fungeert meteen als sportschool, want ik zwem meestal een paar keer de baai op en neer en doe ook nog wat arm- en beenoefeningen in het water. En nu bleek dat helemaal niets doen ook een goed idee was.

Toch bleef de rust niet heel lang hangen. Zondagochtend werd ik wakker uit een ingewikkelde droom die vooral bestond uit werk dat maar niet afkwam. Echtgenoot wist de oplossing: het strand. We zaten er de hele ochtend en ik voelde me heerlijk rustig. Vooral omdat het zondag was en ik aannam dat ik maandag dus uitgerust keihard aan het werk kon.

Maar dat viel tegen. Maandagochtend werd ik alweer heel gespannen wakker met in mijn hoofd van alles wat ik moest doen en vooral van alles wat ik wilde doen. Ik verzuchtte dat ik toe was aan vakantie. Echte vakantie. Niet zomaar een weekendje uitrusten, maar een paar weken niet aan werken denken.

Echtgenoot wees me er fijntjes op dat zoiets voor ons niet weggelegd is. We zijn nu eenmaal zzp'ers en dat heeft zo zijn nadelen. 'Maar, ' zei hij met een grote glimlach, 'we hebben ook vrijheid. 'Heb jij iets dringends te doen?'
Niets dat niet even kon wachten, gaf ik - na een klein gevecht met mezelf over wat er nu écht belangrijk is - toe. En dus zaten we maandagochtend weer op het strand.

Het zou zomaar kunnen dat ik op deze manier binnenkort echt uitgerust en ontspannen ben...




Lees verder ...

Thuiskomen



We stapten uit de auto en ik hoorde een raar geluid. Ik dacht eerst aan de baby van de bovenburen, maar toen ik richting de deur van ons appartement liep, struikelde ik bijna over een enthousiast miauwend katertje. Die was ons nog niet vergeten en heel erg blij dat we er weer waren.

Zeven weken waren we in Nederland. En het waren zeven nogal enerverende weken. De feest- en verjaardagen waren gezellig, maar we hadden het druk met van alles en er liep nogal wat mis. En bovendien was mijn humeur sowieso al niet echt stralend.

Het begon al toen we in november thuiskwamen. Toen we in ons Nederlandse huis aankwamen, moet ik eigenlijk zeggen. Want ik had voor ons vertrek gezorgd dat het huis klaar was voor eventuele bezichtigingen (dus heel onpersoonlijk) en eigenlijk was het zo goed als verkocht. En daardoor voelde zo weinig als thuiskomen, dat ik spontaan in tranen uitbarstte. Ik had op Curaçao last van heimwee gehad, maar besefte ineens dat er eigenlijk geen thuis meer was om naar te verlangen.

We vierden Sinterklaas en dat was zoals altijd intens gezellig en heerlijk rommelig. Ik zette al op 7 december de kerstboom neer, haalde mijn breimand uit de kast en liet overal boeken slingeren. Van mijn moeder kreeg ik een logeerplant om de lege vensterbank wat op te vullen. Het werkte. Iets te goed zelfs, want toen het er vlak voor ons vertrek even op leek dat ons huis toch niet verkocht zou worden, vond ik dat helemaal niet zo'n groot probleem.

Eenmaal terug op Curaçao besloot ik de heimwee deze keer geen kans te geven. Het feit dat die kat zo blij was dat wij er weer waren, hielp al een beetje. En verder verspreidde ik stapeltjes meegebrachte boeken door ons piepkleine appartementje, legde onze eigen witte sprei over het bed en kocht de eerste de beste dag meteen een plant die ik direct in een grotere pot zette zodat hij fijn kan groeien. Ik zette onze trouwfoto en een foto van de dochters neer. Mijn agenda ligt open op de bar en mijn breiwerk en e-reader slingeren ergens op de porch in de buurt van mijn stoel.

Echt nuttig is het allemaal niet en eigenlijk is het gewoon rommelig. Maar blijkbaar heb ik dat nodig, want het werkt wel. Ik heb eindelijk het gevoel dat ik thuiskom.

foto van Pexels.com
Lees verder ...

Ik doe even niet mee

 

Ik doe dit jaar gewoon niet mee aan alle nieuwjaarstoestanden, heb ik besloten. Geen goede voornemens, geen doelen, geen plannen, geen woord-voor-het-jaar. Ik sla een jaartje over.
Eigenlijk ben ik dol op dat soort dingen. Een schone lei en een lijst met mooie ideeën over hoe het allemaal zou kunnen zijn, dat spreekt me altijd aan. Maar in werkelijkheid vind ik de eerste twee weken van januari altijd heel vervelend. Van te voren maak ik er een groot punt van: dit jaar ga ik het goed doen, dit jaar zal alles anders gaan. Niet meer snoepen, beter voor mezelf zorgen, meer aandacht voor de mensen om me heen, dat soort dingen.
En meestal gaat het direct na twaalf uur al mis. Want ik drink dat glas champagne toch maar helemaal leeg (al weet ik dat ik daar niet tegen kan) en ik prop toch nog gauw een handvol nootjes in mijn mond. En ja, het is heel gezellig dat de dochters nog even blijven plakken, maar ik heb slaap en die champagne valt verkeerd en wat zeiden ze nu eigenlijk over hun plannen voor het nieuwe jaar? Enzovoort.
Dat woord, dat is ook zoiets. Ik zeg altijd dat ik er niet aan doe en dan ineens is het er toch. Dat schijnt juist goed te zijn. Maar mijn woord voor vorig jaar was 'ontspannen' en mijn standaardreactie als ik me dat bedenk, is een spottend gesnuif. Als er iets niet gelukt is vorig jaar, dan is het wel ontspannen. Het begon heel redelijk, maar het liep al gauw uit op 'stijf van de stress'.
Dit jaar wil het woord 'thuis' mijn hoofd niet uit, maar dat lijkt me in het jaar waarin ons huis in Nederland verkocht wordt en we nog helemaal niet weten hoe het in Curaçao verder zal gaan ook niet zo'n succes. Misschien maar een geluk dat ik het woord 'gezondheid' niet gekozen heb, bedenk ik me nu, want het lijkt wel of het bij mij andersom werkt. De woorden van voorgaande jaren kan ik me niet meer herinneren, maar ik weet nog wel dat er weinig van terecht kwam.
Ik denk dat ik ga stoppen met overal waardes aan toe te kennen en dan na een bepaalde tijd te moeten afstrepen of ik die wel of niet gehaald heb.
Dit jaar geef ik mezelf toestemming om gewoon een redelijk leuk leven te leiden en dan zie ik wel hoe het loopt.
En dat zou weleens mijn beste voornemen ooit kunnen zijn.

(foto van Pexels.com)
Lees verder ...

2018 - mijn jaar in cijfers

 

Aan het eind van het jaar staat het internet vol lijstjes met hoogtepunten van het jaar, de een nog enthousiaster dan de ander. Een enkeling probeert origineel te zijn door dieptepunten te beschrijven. Ik heb dit jaar met allebei moeite.
Een paar minuten na de jaarwisseling, nu bijna een jaar geleden, zei ik al dat ik geen goed gevoel over 2018 had en dat is uitgekomen. Maar daar wil ik het ook niet over hebben. Dieptepunten moet je niet blijven herhalen, vind ik. Want hoe meer details ik zwart op wit heb staan, hoe minder snel de scherpe randjes eraf slijten. Daar houd ik ook geen echt dagboek bij. Ik hoef me niet alles te herinneren. De korte periode, jaren geleden, waarin ik wel een gedetailleerd dagboek bijhield, staat me veel te scherp en letterlijk in het geheugen gegrift.
Dus. Doen we niet. Hoogtepunten dan? Het probleem is dat alle positieve dingen die me te binnen schieten vergezeld worden van een 'maar' of een 'ondanks'.  Stiekem helemaal niet zo positief dus.

Gelukkig is er altijd de boekhouder in mij nog. Cijfers zijn  lekker neutraal.

- We brachten in totaal 21 weken door op Curaçao en 2 dagen op Bonaire. We zaten in totaal bijna 60 uur in het vliegtuig en vlogen bijna 48.000 kilometer, wat meer is dan de omtrek van de aarde. Ik had 6 keer een jetlag en 3 keer een cultuurshock (dat laatste alleen bij terugkomst in Nederland).
- Ons huis in Nederland stond 13 weken te koop (en is nog niet verkocht, maar we hebben een bod en er begint beweging in te komen). Op Curaçao bekeken we minstens 30 huizen, deden 4 officiele bezichtingen en brachten we 3 keer een bod uit (maar we kochten nog niets).
- Ik schreef 1 boek, 30 columns, 3 korte verhalen (waarvan 1 voor een wedstrijd waarvan de uitslag pas in februari bekend wordt), 29 recensies en 10 persberichten.
- Ik redigeerde 6 boeken van anderen.
- Ik las daarnaast 119 boeken (klik hier voor de volledige lijst).
- We keken 5 series (Supernatural, The 100, 12 Monkeys, Travelers en Salvation - met de laatste zijn we nog bezig), een stuk of 5 actiefilms (weet ik niet precies meer) en sloten het jaar af met 4 kerstfilms.
- Ik breide 47 mutsen (en haalde dus mijn plan om er 52 te breien niet), 1 vest, 1 omslagdoek en 4 vaatdoekjes.
- Ik werd wat actiever op social media en in de laatste maanden van het jaar groeide mijn twitteraccount naar 89 volgers en mijn instagram naar 62 volgers (meer volgers van harte welkom ;-) )

Tja. Zo lijkt het nog wat, dat 2018. Maar ik hoop toch dat 2019 een beter jaar wordt. Niet alleen voor ons, maar voor iedereen.

Ik wens jullie allemaal een fijne jaarwisseling en een heel gelukkig 2019!

(foto van Pexels.com)
Lees verder ...

Kerstwens


Lees verder ...

Het raadsel van de verdwenen kerstballen - 2


Op Monieks verzoek installeerde ik een paar camera's. Eigenlijk vond ik het overdreven voor die paar plastic kerstballen, maar ik wilde toch ook wel weten wie de raadselachtige ballendief was.
De nacht van de 23e op de 24e stonden de camera's aan. Ik liet op mijn computer een opnameprogramma meelopen en de volgende ochtend ging ik met laptop en al naar Moniek om de beelden te bekijken.
'Ik laat het versneld lopen. Als we iets verdachts zien, zet ik het stil en kijken we wie het is,' legde ik uit. Met een kop warme kaneelthee in onze handen keken we geconcentreerd naar wat de drie camera's opgenomen hadden. Je zag Moniek en Daan heen en weer lopen en uiteindelijk naar bed gaan. Daarna was er weinig te zien, behalve de hond en de twee katten die af en toe door de kamer wandelden. Ik zette het afspelen langzamer toen we de kinderen samen binnen zagen sluipen, om een uur of half zes. Maar het was duidelijk te zien dat ze voor de cadeautjes kwamen. Ze legden er een paar voor hun ouders bij en namen daarna ruim de tijd om alle andere cadeautjes te bekijken, ermee te schudden en erin te knijpen. Moniek grinnikte. 'Dat doen ze elk jaar. Maar ik heb niet het idee dat ze met de ballen rommelen.'
Ik speelde de beelden van de derde camera af en we keken geconcentreerd naar de opnames van de kinderen. 'Nee,' bevestigde ik, 'ze hebben het druk met de pakjes, maar ze doen echt niets met de ballen.
'Blijkbaar is de dief vannacht niet langs geweest,' zei Moniek teleurgesteld. 'Ik weet ook niet zeker of er vanochtend een bal weg was. Ik dacht van wel, maar misschien heb ik het me verbeeld.'
'Dat kan ik wel achterhalen.' Ik kopieerde van alledrie de camera's het eerste en het laatste beeld en zette ze naast elkaar zodat we konden vergelijken. Het was even een zoekplaatje, maar er bleken deze keer zelfs twee ballen weg te zijn.
Ik fronste. 'Zijn het altijd laaghangende ballen?'
'Ja, ik hang deze altijd aan de onderste takken omdat ze onbreekbaar zijn. Dan hoef ik niet bang te zijn dat wij of de dieren ze eraf lopen.'
Er begon mij langzaam iets te dagen. Tenminste, ik begreep ineens wie het gedaan had. Maar ik had nog geen flauw vermoeden waarom.

Boris, de hond, lag in de hoek van de keuken in zijn mand. Toen ik naar hem keek, deed hij zijn ogen open en knipoogde, alsof hij wilde zeggen: 'Het is goed, hoor. Vertel het maar.'
Ik stond op en aaide hem over zijn kop. Daarna draaide ik me om naar Moniek en zei: 'Ik denk dat ik weet wie de boosdoener is. Maar om er achter te komen wat de reden is, zullen we hem nog een bal moeten geven.'
Moniek keek me verbaasd aan. 'Wat bedoel je? Boris?'
Ik knikte en spoelde de beelden van de camera's terug naar een moment heel vroeg in de ochtend. 'Kijk. We hebben dit niet stilgezet omdat we dit niet verwachtten. Maar als je goed kijkt, zie je dat hij een bal in zijn bek neemt. En op deze camera zie je dat hij er door het hondenluik mee naar buiten gaat.'
'Maar waarheen?'
'Dat is de grote vraag.' Ik pakte een bal en hield die voor Boris' kop. 'Wil je het ons laten zien, Boris?'
Hij aarzelde even, maar nam toen de bal voorzichtig in zijn bek en liep ermee naar de deur. Ik deed die voor hem open en we volgden hem naar buiten. Hij liep heel doelbewust de tuin uit en de steeg door, naar het leegstaande huis aan het eind van de straat. Daar ging hij naar binnen. Ik beduidde Moniek dat ze stil moest zijn en liep voorzichtig achter het dier aan. In een hoekje van de ijskoude huiskamer stond een afgebroken tak van een boom. Hij was rechtop in een emmer zand gezet en versierd met Monieks ballen. Boris stond kwispelend voor een berg dekens die in de hoek lag. Ik wachtte stilletjes af en hoorde toen een stem uit de dekens komen.
'Ben je daar al weer? Met een bal? Och, wat ben je toch een lieverd. Maar je moet er echt mee ophouden. Eigenlijk mag dit niet.'
Boris blafte kort.
'Wat zeg je? Moet ik hem in de boom hangen? Natuurlijk doe ik dat. Ik ben er echt heel blij mee. Maar vinden je baasjes dit wel goed?'
Een oude vrouw met drie dekens om haar magere lijf geslagen stond op en pakte de kerstbal van de hond aan. Ze keek ingespannen naar de boom en koos zorgvuldig een plekje. 'Zo! Ja, nu is hij nog mooier. Daar heb je wel gelijk in.'
Ze draaide zich om en zag ons in de deuropening staan. De angstige blik in haar ogen zal ik nooit vergeten.
'Ik heb ze niet gestolen, echt niet. Hij bracht ze naar me toe, zonder dat ik erom vroeg. Tenminste, de eerste keer heb ik dat misschien wel gedaan. Ik had die tak en ik hing er wat rommel in. En hij kwam me gezelschap houden, dus ik praatte tegen hem. En ik denk dat ik heb gezegd dat hij ballen voor me moest halen. Maar ik had niet serieus gedacht dat hij het zou doen. Anders had ik dat nooit gevraagd. En ik wist niet waar ze vandaan kwamen, dus ik kon ze ook niet terugbrengen. En... Wilt u alstublieft de politie niet bellen?'
Moniek liep met een geruststellende glimlach naar haar toe. 'Natuurlijk niet. Wees maar niet bang. Van mij mag u de ballen houden. Het is een mooie boom.'
Ze aarzelde even en vroeg toen: 'Heeft u hulp nodig? Het is veel te koud hier.'
De vrouw haalde haar schouders op. 'Ik leef al jaren op straat. Eigen keuze. Het bevalt me wel. Als het te koud wordt, ga ik naar de opvang.'
'Wilt u vanavond bij ons komen eten?'
Het was een lief aanbod, maar de zwerfster schudde haar hoofd. 'Dank u wel, maar ik ben niet goed met andere mensen. Ik ben liever alleen. Als ik alleen ben gaat alles goed. Daarom leef ik op straat. Dan hoef je niet met andere mensen te praten. Dat kan ik niet. Met honden kan ik wel praten.'
Haar magere hand streelde de kop van de hond die naast haar was gaan liggen. Moniek knikte. 'Ik begrijp het. U mag de ballen houden en ik hoop dat Boris u nog vaak zal bezoeken.'
'Als mensen weten waar ik ben, moet ik verhuizen.'
'Dat hoeft niet. Blijft u maar lekker hier. Wij vergeten gewoon dat we u gezien hebben.'
De opluchting was op het oude, ingevallen gezicht te lezen, al was het duidelijk dat ze het maar half geloofde.

'Het voelde verkeerd om haar daar zo achter te laten, maar ik denk dat ze dat echt wilde,' zei Moniek die avond toen we bezig waren het kerstmaal voor te bereiden.
'Dat denk ik ook,' knikte ik.
'En ze had honger, dat was duidelijk te zien. Maar als ik iets ga brengen, verdwijnt ze en dan is ze haar schuilplaats kwijt. Hoe moet dat nou?'
Ik glimlachte en ik wees naar de hond. 'Ik denk dat de oplossing voor de hand ligt.'
En zo stuurden we op Kerstavond Boris naar buiten met een tas vol etenswaren en een warme deken op zijn rug gebonden en een goudkleurige kerstbal in zijn bek. Hij kwam een paar uur later kwispelend terug, zonder tas en zonder deken.

Monique en ik hebben de vrouw daarna niet meer gezien. Wie ze precies was, zullen we nooit weten en we voelen ons een beetje schuldig dat we niet meer voor haar konden doen. Maar we zijn allebei blij dat Moniek me vroeg 'Het Raadsel van de Verdwenen Kerstballen' op te lossen en dat ik -met de nodige tegenzin- toegaf. Want anders hadden we dat kleine beetje hulp ook niet kunnen geven. Bovendien drukte het ons weer even met de neus op het feit dat niet iedereen een warm huis, een liefhebbende familie en een goedgevulde koelkast heeft. Het is nooit verkeerd om even te beseffen hoe goed je het eigenlijk hebt.

De tas stond de dag na kerst bij Moniek voor de deur, gevuld met alle verdwenen kerstballen. Er zat een briefje bij, geschreven op een kreukelig en gescheurd stukje papier.
'Bedankt voor alles. Dit was de fijnste Kerst van mijn leven.'

We hopen dat er dit jaar weer ballen uit de kerstboom verdwijnen...

:: :: :: :: :: 

foto van pexels.com

deel 1 van dit verhaal vind je hier

Het hele verhaal in één keer als pdf downloaden? Schrijf je in voor mijn nieuwsbrief. Als je voor 1 januari lid wordt, stuur ik de laatste nieuwsbrief na. Daarin verklap ik ook de titel van mijn nieuwe boek, laat ik de voorlopige omslag zien en vertel ik waar het boek over gaat.
Lees verder ...